Kindkans

TimoReisigerJLC_7353

 

LEERLINGEN

Binnen Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs Roosendaal en omstreken, werken vier VO-scholen (regulier onderwijs) en 3 VSO-scholen (speciaal onderwijs) samen om ieder voor zich, maar vooral ook samen ervoor te zorgen dat leerlingen een plezierige tijd op school hebben.
Hoe is het om leerling te zijn van ZMLK De Kameleon? Wat kun je verwachten van ondersteuning op het Norbertus College? Welke tips hebben de leerlingen voor hun school? Vijf leerlingen van verschillende scholen vertellen erover.

Om privacy redenen zijn een aantal namen uit deze interviews fictief/bedacht.

 

 

TimoReisigerJLC_7647

Michael,
ZMLK School De Kameleon

Michael is 18 jaar en zit op ZMLK school De Kameleon in Roosendaal. Hij zit met andere leerlingen van zijn leeftijd in VSO7 en hij heeft het naar zijn zin. “De juffen en meesters hier zijn heel aardig, ik zit in een leuke klas en iedereen werkt goed met elkaar samen.” Michael vertelt waarom hij op deze speciale school zit: “Ik heb wat problemen met leren door mijn autisme. Hier begrijpen leraren goed wat dat betekent; dat ik een hele duidelijke uitleg nodig heb in de klas. Op normale scholen moet alles veel sneller, maar hier krijg ik de uitleg die ik nodig heb. De Kameleon is een fijne plek, ik voel me hier op mijn gemak.”

 

“De Kameleon is een fijne plek, ik voel me hier op mijn gemak.”

 

Veel dingen vindt Michael leuk op school: de reken- en taallessen, maar ook de binnenschoolse stages. “Vooral werken bij de receptie vind ik leuk. Dat heb ik al vaker gedaan en ik kan dan soms met de mensen die bellen een grapje maken.” Maar wat doet hij nu het allerliefste op school? “De gymles vind ik het allerleukst. Het is heel lekker om te sporten en je bent ook gezellig met de groep bezig.” Dat sporten trekt Michael graag door in zijn vrije tijd: hij gaat weleens naar het Skidôme om daar te skiën en hij voetbalt met klasgenoten vrienden Ricardo of Ferdinand, ook buiten de klas. “Later zou het zelfs mijn droom zijn om profvoetballer te worden. In de spits, zodat ik doelpunten kan maken en lekker veel geld verdien,” zegt Michael lachend. Het is een mooie droom, maar eentje die slechts voor weinig jongens is weggelegd natuurlijk. Dat geeft niet, want Michael is ook realistisch. “Het mooiste van deze school is dat het speciaal onderwijs is, maar dat ik wel echt ergens voor leer. We hebben ook een juf die goede contacten heeft zodat we een baan kunnen krijgen. Dus later, als ik klaar ben op De Kameleon, is er ook voor mij een plekje in de samenleving.”

Ricardo,
ZMLK School De Kameleon

Ricardo is 17 jaar en zit op de ZMLK school de Kameleon in Roosendaal. Het is een vrolijke, sociale jongen en hij is erg open. “Ik zit op deze school voor een speciaal iets. Ik heb een probleem met boos worden. Ik word te snel boos, ik zeg het eerlijk.” De afgelopen jaren hebben de docenten samen met Ricardo flink aan zijn probleem gewerkt. “We voetballen vaak en dat is hartstikke leuk, maar ik kan best wel ruw in het spel zitten. Om dan te zorgen dat het niet uit de hand loopt, zet de meester mij er af en toe een minuutje naast en dat vind ik hartstikke fijn.”

Het feit dat er andere kinderen zijn met hetzelfde probleem op deze school, is voor Ricardo ook erg waardevol. “Soms wordt een klasgenoot zo boos, dat hij de klas uit moet met de meester. Dat is niet zo leuk, maar ja, iedereen weet dat jij zelf de volgende dag misschien ineens zo boos kan worden. Dus we begrijpen elkaar goed.”

Ricardo is ook op andere vlakken vooruit gegaan: “Ik kan veel beter rekenen nu. De meester gaf dat aan, maar ik merk het zelf ook. Als ik vroeger ging darten, moest ik altijd een rekenmachine meenemen zodat ik de punten kon optellen. Nu heb ik die niet meer nodig. Als je nu zou vragen: ‘hoe gooi je in twee beurten 100?’, dan weet ik het meteen. Er zijn twee opties. Je kunt twee keer in de roos gooien en triple 20 en dubbel 30.”

“Ik wil overal meekijken, meedoen en dan pas bedenken wat ik nu eigenlijk wil.”

Ook Ricardo heeft een mooie toekomstdroom. “Het allerliefste zou ik de finale van het WK voetbal willen fluiten, want nu fluit ik ook al op zaterdag de wedstrijden van de kleine kinderen.” En als dat niet lukt? “Ik wil vooral nog een beetje rondkijken. We doen op school verschillende stages en dat is heel goed. Ik wil overal meekijken, meedoen en dan pas bedenken wat ik nu eigenlijk wil. Ik heb nog wel even de tijd gelukkig.”

Kelvin,
Mytylschool Roosendaal

Kelvin is een vrolijke, bijdehante jongen die op de Mytylschool in Roosendaal zit. Hij is 18 jaar en zit op deze school omdat hij meervoudig gehandicapt is. Kelvin vindt de Mytyl een goede plek voor hem. “Voor zover ik weet, pas ik hier goed,” zegt hij.“Het is altijd gezellig in de klas, mijn klasgenoten zijn aardig, ik krijg fysiotherapie en ik ben goede vrienden met mijn meester, Kees. Hij helpt mij ook vaak.”

“Voor zover ik weet, pas ik hier goed.”

Als Kelvin wordt gevraagd wat hij lastig vindt op school, zegt hij: verkeer. Eerst legt hij even uit wat dat precies is. “We gaan dan met z’n allen naar buiten, het lijkt op wandelen, maar je moet echt heel goed uitkijken voor al het verkeer. Daar letten we op. Het is wel leuk, maar met opritten en afritten is het wel echt goed uitkijken.”

Het allerleukste op school vindt Kelvin opruimen. “Als we samen hebben gegeten, zet iedereen zijn beker vaak op het blad van mijn rolstoel en dan ga ik alles tellen. Ik weet dan meteen hoeveel leerlingen er zijn en dat is ook heel leuk.”

Zijn er ook dingen die beter kunnen? “Ja, maar dat ligt een beetje aan mij,” zegt Kelvin. “Ik ben een grappige jongen en maak heel veel grapjes. De meester vindt dat meestal wel leuk, maar soms maak ik er teveel. Dan moet ik een beetje rustig doen. Dat probeer ik dan wel, al lukt het niet altijd. Leuke grapjes zijn natuurlijk gewoon leuk.”

Jessica,
Norbertus College

Jessica zit in de tweede klas van de havo op het Norbertus College. Ze is een talentvolle leerling die in haar ontwikkeling wordt gehinderd door twee obstakels: faalangst en concentratieproblemen. “En dat gaat niet goed samen,” vertelt Jessica. “Ik vind wiskunde bijvoorbeeld superlastig; als ik dan een toets had, vond ik het eng om eraan te beginnen. Als ik dan toch begon en ik hoorde even iets vallen op de gang, dan was ik weer meteen helemaal afgeleid.”

Het was voor de school en voor Jessica zelf duidelijk dat ze behoefte had aan extra ondersteuning. Deze ondersteuning startte met gesprekken met haar mentor, mevrouw Verhoef. “Het is fijn dat er iemand is die je begrijpt, waarbij je jezelf kan zijn en dat kon bij mevrouw Verhoef.”

“Het is fijn dat er iemand is die je begrijpt.”

De gesprekken leidden ertoe dat Jessica een faalangsttraining deed. “Daar leerde ik om over mijn gevoel te praten, we deden vertrouwensoefening en we kregen les in ademhalingstechnieken. Die ademhalingstechnieken gebruik ik nu nog steeds weleens om mezelf rustig te maken, bijvoorbeeld voordat ik aan een toets begin.”

De faalangsttraining heeft effect gehad. “Ik stond eerst een 5,6 voor wiskunde en nu sta ik een 6,6.” Daar wordt Jessica vrolijk van en ze vertelt verder. “Ik heb ook auditie gedaan voor de jaarlijkse concertavond van onze school, de Proms, en dat ging goed! Ik was natuurlijk wel heel erg zenuwachtig, maar ik heb het gedaan en dat was een hele overwinning.”

Kim,
Norbertus College

Kim zit in derde klas van het vwo op het Norbertus College en is tevreden over haar school. “De leraren zijn goed, ik voel me op mijn gemak, heb leuke vriendinnen en de sfeer is gezellig.” Ondanks dat ze zelf geen extra ondersteuning nodig heeft, vindt ze het wel erg goed dat deze geboden wordt door middel van passend onderwijs. “Het is fijn dat kinderen die iets extra’s nodig hebben, dat ook krijgen op hun eigen school. Zo kunnen ze gewoon bij hun vrienden blijven.”

“Het is fijn dat kinderen die iets extra’s nodig hebben, dat ook krijgen op hun eigen school.”

Kim is een veelzijdig meisje. Ze schrijft liedjes, doet aan nail art, haalt goede cijfers en loopt hard. Zou zij ook niet wat extra hulp kunnen gebruiken eigenlijk? “Heel soms denk ik weleens; ja, ik ben af en toe ook aan het stressen en misschien kan ik ook wat hulp gebruiken. Maar dat merkt vaak niemand. En als ik eerlijk ben, de andere leerlingen hebben het natuurlijk veel meer nodig dan ik. Het belangrijkste vind ik dat zij door de extra ondersteuning lekker op hun plek zitten, net als ik.”

Kim heeft nog wel een tip voor haar school op het gebied van passend onderwijs. “Misschien is het goed om in de brugklas al een aantal preventieve tests te doen, zodat we weten of leerlingen last hebben van ADHD, Asperger of iets anders. Op die manier krijgen alle leerlingen nog sneller de hulp en begeleiding die ze nodig hebben.”